Het kerstseizoen in Berlijn staat voor de deur. Dat betekent verse peperkoek, glinsterende kerstmarkten en ongewone winteractiviteiten.Week na week is er iets te doen in Berlijn en het aanbod in onze hoofdstad wordt nog groter tijdens de feestperiode aan het einde van het jaar. Als je naast alle activiteiten ook nog wat gezellige tijd thuis wilt doorbrengen, kun je ons nieuwe recept uitproberen: Probeer je eigen kerststollen.
Ingrediënten: Wat je nodig hebt
Stoldeeg (voordeeg)
- 500 g bloem (type 405)
- 125 ml melk
- 1 blokje gist
- 60 g suiker
Hoofddeeg
- 250 g boter
- 500 g bloem
- 50 g suiker
- 1 snufje zout
- 2 eieren
Kerst toppings
- 300 g sultanarozijnen
- 100 g citroenen
- 50 g gekonfijte sinaasappelschil
- 100 g gehakte amandelen
- ca. 8 el rum
- 1 snufje kardemom
- 1 snufje nootmuskaat (gemalen)
- 1 citroenzeste
Om af te werken
- 150-200 g boter
- 250 g bloemsuiker
Bereiding: Zo maak je stap voor stap kerststollen

1. Het fruit inmaken
Hoe vroeger je begint met je kerststollen, hoe beter. Week de sultana’s, gekonfijte citroenschil en gekonfijte sinaasappelschil minstens 12 uur voor het bakken. Dit betekent dat je ze in een kom legt, de rum erover giet, afdekt en op kamertemperatuur laat weken.
2. het voordeeg
Dan is het tijd voor het voordeeg. Neem 125 g bloem, alle gist, de suiker en de lauwe melk. Los de gist op in de lauwe melk en meng dit met de bloem en de suiker tot je een dik voordeeg hebt. Ook hier moet je weer wachten: laat het deeg op een warme plek ongeveer 30 minuten rijzen tot het in volume verdubbeld is.
3. het hoofddeeg
Meng vervolgens de resterende bloem (375 g) met de suiker, het zout en de kruiden (kardemom, nootmuskaat, citroenschil). Voeg dan het gerezen voordeeg, de eieren en de in stukjes gesneden boter op kamertemperatuur toe en kneed alles goed door elkaar. Je kunt nu het ingemaakte fruit eruit halen en dit samen met de amandelen gelijkmatig door het deeg kneden.
4. Laten rusten en vormen
Na deze eerste stappen heb je wat meer geduld nodig. Het deeg moet worden afgedekt en nog eens 45 minuten rusten. Geef je stollen dan vorm: Vorm het deeg op een bebloemd werkvlak tot een ovaal en druk er met een deegroller in de lengte een holte in. Vouw dan de lange kant over de holte om de typische stollenvorm te krijgen. Wist je dat dit het ingepakte Christuskind symboliseert?

5. Bakken
Verwarm de oven voor op 175 °C boven-/onderwarmte en bak de stollen ongeveer 50 tot 60 minuten op een met bakpapier beklede bakplaat. Als het oppervlak te snel bruin wordt, bedek het dan met aluminiumfolie.
6. Afwerking
Een belangrijke stap ontbreekt helemaal op het einde. Bestrijk de warme stollen direct na het bakken royaal met gesmolten boter. Herhaal deze stap verschillende keren tot alle boter is opgenomen. De boter houdt de stollen vochtig. Je kunt de beboterde stollen naar wens bestrooien met poedersuiker. Als de stollen volledig zijn afgekoeld, moeten ze meestal opnieuw worden bestrooid met een dikke laag poedersuiker.
Dan ben je al klaar! Laat de afgekoelde stollen in huishoudfolie verpakt op een koele, donkere plek staan. Je kunt het beste nog even wachten. De kerststol krijgt zijn volle kerstsmaak pas na 2 tot 3 weken rusten. Als je hier tegen kunt, word je beloond met pure kerstverwennerij. En tegelijkertijd heb je het perfecte cadeau.